Wet Kinderopvang

Sinds 1 januari 2005 geldt de Wet kinderopvang. Deze wet regelt de kwaliteit en de financiering van de kinderopvang. Uitgangspunt is dat kinderopvang een zaak is van ouders, werkgevers en overheid. Ouders die werken en voor hun kinderen zorgen, krijgen kinderopvangtoeslag van de overheid.

Kinderopvangtoeslag

Vanaf  2012 kunt u alleen nog kinderopvangtoeslag krijgen voor de uren die u werkt. U moet daarbij uitgaan van de ouder die de minste uren per jaar werkt. Gaat uw kind per week minder uren naar de opvang dan dat u werkt? Neem dan de opvanguren.

De uren waarvoor u maximaal kinderopvangtoeslag kunt krijgen, berekent u zo:

  • Gaat uw kind naar de dagopvang? Vermenigvuldig uw gewerkte uren met 140%.
  • Gaat uw kind naar de buitenschoolse opvang? Vermenigvuldig uw gewerkte uren met 70%.

De kinderopvangtoeslag wordt vooraf uitgekeerd, rond de 20ste van de maand. Wees hier tijdig mee. Bij het aanvragen van de toeslag nadat er al gebruik wordt gemaakt van de opvang, wordt er door de Belastingdienst maximaal één maand met terugwerkende kracht betaald. Wilt u meer weten over de kinderopvangtoeslag, kijkt u dan op de website van de Belastingdienst.

Tegemoetkoming van de SoZaWe

Ouders die een (gedeeltelijke) uitkering hebben of een re-integratietraject en/of studie volgen, kunnen in sommige gevallen ook een tegemoetkoming krijgen in de kosten voor kinderopvang. Dit kunt u aanvragen bij de SoZaWe. Vanaf 1 januari 2012 wordt deze tegemoedkoming niet meer met terugwerkende kracht betaald maar vanaf het moment dat deze is aangevraagd. De tegemoetkoming wordt rond de 25ste van de betreffende opvangmaand uitgekeerd.